
Zorgen dat je infraroodverwarmer lang meegaat
Het gebruik van een 1500W infraroodverwarmer in een prieel klinkt als een goede oplossing – tot je beseft dat je eigenlijk een krachtig elektrisch apparaat in een soort ‘gigantische windunnel’ plaatst. Door de vochtigheid, de ochtenddauw en de regendruppels hebben de meeste verwarmers nauwelijks kans om te werken. Als de behuizing niet is ontworpen voor buitenomgevingen, kan dit al na een paar weken leiden tot kortsluiting of beschadigde onderdelen.
We richten ons op twee zaken om dit te voorkomen: het bestrijden van vocht en het voorkomen van regendruppels die het apparaat kunnen beschadigen.
Het gevecht tegen vocht
Buitenverwarmers moeten omgaan met grote temperatuurschommelingen. Stel je voor: er wordt 1500W aan warmte gegenereerd, maar daarna gaat de verwarmer uit. De lucht koelt dan snel af. Op dat moment begint er condensatie op de kwartsbuis en de interne reflectoren te ontstaan.
Om dit te voorkomen, gebruiken we speciale coatings en afsluitende doppen. Hierdoor blijft het vocht bij de elektrische verbindingen vandaan. Zonder deze maatregelen ontstaat er ‘mist’, waardoor de warmte niet meer kan worden verspreid. Erger nog: waterdruppels op de emissor kunnen hete punten veroorzaken. Deze punten zetten de kwartsbuis onder druk, tot deze uiteindelijk breekt.
Omgaan met regen
Eerlijk gezegd is een prieel geen gesloten ruimte. Regen dringt naar binnen en de vochtigheid dringt door het plafond heen. We ontwerpen de behuizing zo dat het water bij de bedrading en de stroomvoorziening vandaan wordt gehouden. Door het interieur droog te houden met afsluitende doppen, voorkomen we dat oxidatie de contactpunten beschadigt. Wanneer deze contactpunten oxideren, neemt de weerstand toe. Dit leidt tot oververhitting en uiteindelijk tot beschadiging van de verwarmer.
De trade-offs
Het nadeel is dat al deze afsluitingen en beschermende lagen de verwarmer wat groter maken. Dit betekent ook dat de interne transformator minder luchtcirculatie heeft. Daarom moet je ervoor zorgen dat er genoeg ruimte is voor de warmte om omhoog te gaan. Als de behuizing te dicht komt te zitten, kan dit leiden tot oververhitting.
Maar het is het waard. Met goede afsluitingen kan je verwarmer niet alleen de winter overleven, maar blijft hij seizoen na seizoen dezelfde hoeveelheid warmte leveren. Je hebt dan een apparaat dat bestand is tegen weersomstandigheden, zonder dat zijn prestaties afnemen.